top of page

LEES Brussel als bakermat van het muurklimmen: een koninklijke klimmuur en de eerste klimzaal ter wereld

  • 3 days ago
  • 2 min read

Al sinds jaar en dag klimt de mens. Sinds de negentiende eeuw doet hij dat ook voor het plezier. Verscholen in de tuin van zijn paleis liet niemand minder dan koning Leopold III in 1938 de eerste klimmuur bouwen. Bijna vijftig jaar later opende in Brussel Terres Neuves, de eerste klimzaal ter wereld.


De beginjaren van klimzaal Terres Neuves. © Elise Segers
De beginjaren van klimzaal Terres Neuves. © Elise Segers

Geen rotsen? Geen probleem!

Wanneer klimmers geen rotsen voorhanden hadden, moesten ze vroeger oefenen op bestaande gebouwen en structuren zoals bruggen. In de koude wintermaanden was trainen zelfs onmogelijk. Op een expeditie in Argentinië beschreef rotsklimmer Dan Cauthorn zijn winterroutine als “pull-ups doen in de kelder en bier drinken”. In Brussel werd een oplossing bedacht voor beide problemen. 


Klimmende koningen

Net als zijn vader Albert I was koning Leopold III een fervent alpinist. Het tragische overlijden van zijn vader, die om het leven kwam tijdens een klimongeluk, schrok Leopold niet af. Integendeel. Samen met Paula Wiesinger en Hans Steger, de vaste klimpartners van Albert, klom de kersverse koning in de Dolomieten de belangrijkste routes van zijn vader over. Steger ontwierp in 1938 in de tuin van het Kasteel van Stuyvenberg een klimmuur voor de vorst. 


Genesteld in de tuin is de muur in goede staat bewaard gebleven. © Thibaut Debelle
Genesteld in de tuin is de muur in goede staat bewaard gebleven. © Thibaut Debelle

De muur is 6,30 meter hoog en zit vol technische details. Een overhangend dak, verticale spleten en schoorstenen vereisen creatieve klimtechnieken. Dankzij Leopolds passie staat zo ‘s werelds eerste klimmuur in Laken. De muur is helaas niet te bezichtigen of toegankelijk voor het publiek.


Oefening baart wereldkampioenen

Ook de eerste klimzaal staat op Brusselse bodem. Samen met Pierre D’haenens ontwikkelde rotsklimmer Marc Bott in 1986 de artificiële klimmuur zoals we die nu kennen. In houten multiplexplaten worden kunstgrepen vastgevezen. 


Dankzij het systeem met multiplexplaten en kunstgrepen kan de klimzaal telkens nieuwe routes uitzetten. © Elise Segers
Dankzij het systeem met multiplexplaten en kunstgrepen kan de klimzaal telkens nieuwe routes uitzetten. © Elise Segers

Een jaar later opende hij met zijn vrouw Isabelle Dorsimond klimzaal Terres Neuves, waar het concept voor het eerst getest werd. Zo konden klimmers ook in de barre Belgische winters trainen. Mede dankzij die extra oefening werd Isabelle wereldkampioene snelklimmen in 1989 en 1991. 


Ook de plant voor deur heeft het klimvirus goed te pakken. © Elise Segers
Ook de plant voor deur heeft het klimvirus goed te pakken. © Elise Segers

Brussel mag zich dus de bakermat van het muurklimmen noemen. Dankzij een fanatieke koning en inventieve rotsklimmers klauterde de stad de geschiedenisboeken in.


Felix Le Roy


Leestips voor de fervente klimmers: Bel’Wall en De speeltuin van de koningen

Belgisch alpinist Mark Sebille publiceerde twee boeken over de klimsport in België. Bel’Wall is zowel een catalogus van beschikbare klimwanden in België als een naslagwerk met verhalen over Belgische klimwanden. Het begint met zijn ontdekking van Leopolds muur in Laken, die tot dan goed verborgen was gebleven. In De speeltuin van de koningen beschrijft Sebille onder andere hoe de Belgische royals door het klimmen het zelfvertrouwen kregen om beter te besturen.


Comments


bottom of page