top of page

Op weg naar Sint-Lukas: "Door het drugsgebruik is de prostitutie bijna normaal geworden"

  • Writer: journalistiek brussel
    journalistiek brussel
  • May 8
  • 4 min read

De inschrijvingen dalen, het vuilnis stapelt zich op, en de route naar school schrikt af. Maar in een van de ruigste straten van Brussel-Noord lopen elke ochtend toch jongeren met schetsrollen onder de arm. Ze komen niet voor een les over overlevingstechnieken, maar voor beeldende kunsten, fotografie en grafisch ontwerp.

ree

De omroepstem van de NMBS somt de aansluitingen op terwijl een groep leerlingen zich richting de roltrap begeeft. Laatstejaarsstudente architectuur Charlotte Callaerts (17) wandelt tussen hen. Hun bestemming: Sint-Lukas kunsthumaniora, een kunstschool in Schaarbeek. Voor ze daar geraken moeten ze eerst door een buurt die bekend staat om alles behalve kunstzinnigheid. “Die eerste straat is wel even slikken,” zegt Charlotte. “Je ziet rare mensen en er wordt geroepen. Maar ze komen zelden echt dichtbij.”

ree

Open en gescheurde vuilniszakken, verkeerd gesorteerd of gewoon achteloos op straat gegooid – de Aarschotstraat toont Brussel in zijn ruwste gedaante. Een arbeider in fluohesje schept plastic flessen op. “Dit is hoe het hier altijd bijligt”, klinkt het terwijl hij een fles in een container werpt. Tussen de rommel roken mannen zwijgend hun sigaret, een kalende dertiger op een step schuift voorbij. “Dat is de dealer”, zegt Charlotte. “Hij wordt elke week opgepakt, maar komt altijd terug.” Ze zegt het alsof ze het over het weer heeft.


Onaangenaam maar niet ongerust

In de media verschijnen steeds meer berichten over drugsgeweld, intimidatie en overlast rond het Noordstation. Ook de politie bevestigt dat de problemen in de wijk structureel zijn. Voor een kunstschool als Sint-Lukas, waar leerlingen uit heel Vlaanderen en Brussel naartoe komen, is dat geen goed nieuws. Dat de opendeurdagen van de kunsthumaniora net gehouden werden rond de stakingen van Net Brussel – waardoor de buurt onopgeruimd bleef – hielp al evenmin.

Vroeger vroegen ze of je een koffie wilde drinken, nu vragen ze of je een sigaret wil" - Charlotte Callaerts, studente architectuur

Op een jaar tijd zijn de inschrijvingen met 20 procent gedaald. Volgens Charlotte is dat ook voelbaar in de klas. “Het zesde middelbaar van vorig jaar was veel groter dan onze klas”, zegt ze. Of dat met de buurt te maken heeft, houdt directrice Lizzie van Casteren in het midden. "Het kunstonderwijs spreekt een kleine groep studenten aan. Z'on kleine groep is veel gevoeliger aan fluctuatie. Dat leerlingen afhaken omwille van de wijk, lijkt ook niet het geval. "Maar ik begrijp wel dat ouders soms twijfelen", vindt Charlotte. 


Mama Tine vindt het vooral spijtig. “Uiteindelijk zijn dat ook maar mensen dit op zo’n punt zijn gekomen dat ze openbaar dealen en crack gebruiken.” In vergelijking met die figuren is de prostitutie in de straat bijna normaal geworden. “Mijn zoon Leon zou zeggen dat het heel snel went.” Ongerust is dus niet het juiste woord, vermoeiend wel. “Je moet constant op je hoede zijn. De Aarschotstraat is ook de reden dat mijn zoon niet wil verder studeren in Brussel, terwijl Brussel veel groter is dan die ene straat.”


Geen oogcontact en rechtdoor lopen

Toch voelt niet elke leerling zich even gerust. Sommige nemen een omweg naar de schoolpoort en wie zich echt onveilig voelt, kan ‘s ochtends aansluiten bij een groepje dat van het station naar de school wandelt. Onder begeleiding van leerkrachten. “Iedere ochtend om 8u25 vertrekken ze aan het station”, vertelt Charlotte. “Dat helpt echt.”

De school doet volgens haar wat ze kan. “Leerkrachten zijn aanspreekbaar, en als je ooit iets meemaakt, luisteren ze echt." van Casteren vult aan dat een veiligere schoolomgeving vooral een bekendere schoolomgeving is. "Het is eng, maar het is vooral onbekend terrein." Veel leerlingen weten intussen hoe ze zich moeten gedragen in de straat: geen oogcontact, rechtdoor lopen, oortjes in. “Na een tijdje herken je de trucen van de mannen ook”, deelt Charlotte. “Vroeger vroegen ze of je een koffie wilde drinken, nu vragen ze of je een sigaret wil.” (Lacht).


Een ander soort Brussel

Het parcours van het station naar de school is een uitdaging, maar eens in de straat waar Sint-Lukas ligt, lijkt de Brabantwijk ver weg. Tijdens het oversteken botsen we bijna tegen een jongetje met een Spiderman-boekentas. Hij huppelt, zijn oma hijgt erachteraan. Op de achtergrond van dat tafereel ligt een misplaatst gebouw met een stalen ketting rond haar poorten en tralies voor de ramen.

Leerkrachten worden aangesproken met 'Beertje' in plaats van 'meneer' of 'mevrouw'

Achter de intimiderende gevel heerst rust. In de ateliers tekenen studenten met geconcentreerde blikken, leerkrachten worden aangesproken met ‘Beertje’ in plaats van ‘meneer’ of ‘mevrouw’, en de leslokalen hebben zicht op de Brusselse skyline. De chaos van beneden lijkt vanaf hier maar miniem. “Die gekke mensen wegen niet op tegen de voordelen van studeren in Brussel”, pleit Charlotte. “Tijdens de middagen kan je hier ook gewoon rustig shoppen.”

ree

Rustig en Brussel-Noord lijken moeilijk in dezelfde zin te passen. Toch is het maar vier straten verder vooraleer je in een pittoresk straatje wandelt, met bloempotten, nette gevels en geparkeerde bakfietsen die doen denken aan Leuven. Geen vuilnis, geen roepende mannen. Of dit het beeld is dat de gemeente Schaarbeek voor ogen heeft? Dat zou kunnen. “Wij houden ons vooral bezig met administratieve dingen, niet met de praktijk."


Auteur: Anne Schoups


Comments


bottom of page