LEES Zwaailichten, sirenes en… file: De uitdagingen bij prioritaire voertuigen in Brussel
- May 7
- 2 min read
Sirenes zijn een onmiskenbaar deel van het Brusselse landschap. Al is het niet altijd makkelijk voor hulpdiensten om zich in de dichtbevolkte hoofdstad een weg te banen. We bespreken de situatie met hoofdinspecteur Dugardijn van de politie in Brussel-West en rij-instructeur Wim Stuer.
Volgens Dugardijn is vooral de ruimtelijke ordening van de stad daarin een pijnpunt. “Je hebt de hoofdassen in Brussel die voorzien zijn om de stad binnen te rijden, zoals de Leopold II-laan en de Ninoofse Steenweg. Maar in woonwijken als Jette werkt het niet zo. Daar is meer bosgebied en zijn de straten smaller. Die rustigere wijken worden ook nog eens vaak als sluiproute gebruikt, wat de doorgang bemoeilijkt.”
Ook het moment speelt volgens Dugardijn een rol. “‘s Morgens is er eigenlijk geen probleem. Brusselse criminelen zijn geen echte ochtendmensen.” Dat verandert in de namiddag. “Je ziet zowel pendelaars die van hun werk komen als inwoners die terugkeren naar hun hoofdstad.”
“Brusselse criminelen zijn geen echte ochtendmensen.”
In dat soort situaties moeten politiewagens inventief zijn. Voortdurend met de sirene aan rijden is onmogelijk en weggebruikers zijn soms onvoorspelbaar. “Je hebt heel veel mensen die een sirene horen en niet weten hoe ze moeten reageren.”
Dugardijn merkt dat de Brusselse verkeerssituatie sterk veranderd is in de afgelopen decennia. “Er waren vroeger veel minder voertuigen. Nu zijn er naast automobilisten ook meer speedpedelecs, steps en fietsers.” Vooral aan die laatste twee groepen stoort Dugardijn zich. “Iedereen doet maar waar hij zin in heeft. Je moet zeer goed opletten om niemand aan te rijden daar.”
Toch ligt het niet enkel aan de verkeerssituatie in Brussel. Tijdens hun basisopleiding moeten politie-inspecteurs slechts één dag achter het stuur van een prioritair voertuig zitten. Dugardijn is daarom duidelijk: “rijopleidingen moeten uitgebreider zijn en er moeten ook terugkommomenten zijn.”
Ook Wim Stuer deelt die mening. Hij richtte dertien jaar geleden PRiODRIVE op, waarmee hij bestuurders van prioritaire voertuigen opleidt. “62 procent van de politiecursisten zakt op de basisvragen. Dat moet anders.”
“In de basisopleiding krijgen politie-inspecteurs 188 uur aan geweld- en stressbeheer, inclusief het gebruik van een vuurwapen. In mijn carrière van 25 jaar heb ik nooit mijn pistool moeten trekken”, zegt Stuers. “Maar ik heb wel twee keer met sirene moeten rijden.”
Volgens Stuer is geld daarbij geen probleem. “Er is altijd budget. Ze moeten het gewoon juist investeren. Als je met één opleiding één aanrijding kunt voorkomen met een prioritair voertuig, dan heb je al gewonnen.”
Door Lucas Demeyer Senne Martens en Marie Leeman



Comments