INTERVIEW “Je kan geen muur rond Brussel bouwen”: Bob De Brabandere (Vlaams Belang) over de staat en toekomst van onze hoofdstad
- May 6
- 4 min read
Updated: May 7

Sinds 2024 zetelt Bob De Brabandere (38) als enige vertegenwoordiger van Vlaams Belang in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement. Een positie die hij zelf als een eenzaam bestaan omschrijft, maar die hem er niet van weerhoudt zijn standpunten scherp te formuleren. “Wanneer ik in het Parlement spreek, gaat de helft naar buiten, omdat men niet wil luisteren naar wat ik te zeggen heb.”
Hoewel hij afkomstig is uit Gent, woont De Brabandere al jaren in Sint-Agatha-Berchem. “Het is daar relatief rustig, maar je woont tegelijkertijd maar een kleine vijf kilometer van het centrum van Brussel”, vertelt hij opgewekt. “Zo hoef je niets van het bruisende stadsleven te missen.” Zijn verbondenheid met de stad maakt zijn kritische houding tegenover het beleid des te opvallender.
De Brabandere wijst op een reeks structurele problemen zoals netheid, huisvesting en financiën. Dat laatste baart hem grote zorgen. “Er is een tekort van 1,6 miljard euro. Dat hangt natuurlijk als een molensteen rond de besluitvorming hier in Brussel.”
Law-and-order
Ook veiligheid is voor De Brabandere en zijn partij een belangrijk thema. “Als we het hebben over veiligheid, is Vlaams Belang de law-and-orderpartij pur sang.” Hij verwijst naar drugsbendes, schietpartijen, en overlast in bepaalde wijken. Hij zet zijn mening kracht bij door de noodkreet van de Brusselse procureur Julien Moinil te citeren. “Het is zo ver gekomen dat elke Brusselaar door een verdwaalde kogel kan getroffen worden.” Volgens De Brabandere wordt er te weinig daadkracht getoond. “Versterk dat parket, zorg dat er plaats is in de gevangenissen en weet ook wie hier op je grondgebied aanwezig is.”
“Ik ken verkiezingsprogramma’s die dikker zijn dan de regeringsverklaring”
Bob De Brabandere
Al die problemen kunnen niet louter op Brussels niveau worden opgelost. De rode draad doorheen zijn verhaal is dat Brussel door de federale regering te vaak als een afzonderlijk gebied wordt behandeld, terwijl de problemen juist grensoverschrijdend zijn. “Je kan geen muur bouwen rond deze stad. Brussel is geen eiland in België, al lijkt dat misschien wel zo.”
Aankondigingspolitiek

Zijn kritiek richt zich ook op de huidige Brusselse regering, al nuanceert hij die meteen. “De nieuwe regering is nog niet zo lang aan de slag, dus haar nu al evalueren is misschien wat kort door de bocht.” Toch blijft hij sceptisch over de geplande aanpak. “Voorlopig blijft het bij aankondigingspolitiek.”
De maatregelen die de nieuwe regering wil nemen zijn samengevat in het gewestplan. Daarover is De Brabandere niet te spreken. “Vroeger telde de gewestelijke beleidsverklaring 200 à 300 pagina’s. Nu telt ze nog 24 bladzijden, waarin men uitlegt hoe men álle problemen in Brussel wil oplossen. Ik ken verkiezingsprogramma’s die dikker zijn dan de regeringsverklaring”, voegt hij er vurig aan toe.
“Er is zoveel potentieel, maar dat wordt niet benut”
Bob De Brabandere
Zo kaart hij aan dat de regering een drugscommissaris specifiek voor Brussel wil aanstellen. Dat klinkt volgens hem mooi op papier. “Maar wat gaat die commissaris specifiek doen? Over welke administratie zal die beschikken? En wat wordt het verschil met de federale drugscommissaris, die trouwens ook al bevoegd is voor Brussel? Dat weten we allemaal niet.” Volgens De Brabandere ontbreekt het dus aan concrete maatregelen: “Het blijft bij vage beloftes.”
“Brussel draait vierkant”
Naast het beleid viseert hij ook de complexe bestuursstructuur van Brussel. Met negentien gemeenten, verschillende politiezones en tal van instellingen spreekt de Vlaams Belanger van een inefficiënt systeem. “Het draait allemaal vierkant.” Daarom pleit hij voor hervormingen, zoals de afschaffing van de burgemeestersposten, de invoering van districtsraden, en een doelmatige organisatie van de veiligheid.
In dat laatste domein lijkt na jaren discussie eindelijk beweging te komen. De Brabandere geeft aan dat het parlement binnenkort moet stemmen over eengemaakte politiezones. De politicus steunt dit plan voluit, want hij is absoluut geen fan van burgemeesters die hun eigen politiekorps aansturen.
Onbenut potentieel
Toch verliest De Brabandere het totaalplaatje niet uit het oog. “Het is zo’n mooie stad. Er is zoveel potentieel dat niet benut wordt.” Het frustreert hem dat er een gebrek aan trots is. “Internationale treinen komen hier aan, en reizigers moeten meteen over drugsverslaafden en uitwerpselen stappen. Is dat de indruk die je als beleidsmaker wil nalaten?”
“Ik wil van Brussel weer een aangename plek om te leven maken”
Bob De Brabandere
Op korte termijn zou De Brabandere vooral de orde en netheid in de hoofdstad willen aanpakken. Op lange termijn droomt hij van een onafhankelijk Vlaanderen met een rol voor Brussel. “Brussel blijft behouden binnen Vlaanderen als een tweetalige aparte entiteit. We moeten er niet onnozel over doen: hier zijn nog heel wat Franstaligen en hun faciliteiten moeten behouden worden.”
Comeback in Brussel?
Electoraal probeert Vlaams Belang daarom opnieuw sterker voet aan de grond te krijgen in Brussel. Waar de formatie in 2004 nog 34 procent van de Nederlandstalige stemmen behaalde, volgde in 2014 een historisch dieptepunt. Daarom willen de Vlaams Belangers gerichter inzetten op gemeenten in de noordrand van Brussel, waar ze traditioneel sterker staan. Zo werd Vlaams Belang in Evere bij de verkiezingen van 2024 de grootste Nederlandstalige politieke partij.
Tegelijk erkent De Brabandere dat de verschillen tussen de Brusselse gemeenten groot zijn: “Sint-Gillis staat bekend als een bolwerk van radicaal-links.” Omdat de middelen beperkt zijn, maakt Vlaams Belang dus bewuste keuzes in haar campagnevoering. “Brussel is gigantisch groot en de centen zijn niet oneindig. Wij moeten prioriteiten stellen.”
Negatieve berichtgeving
Verder benadrukt De Brabandere dat onze hoofdstad te vaak negatief in de media komt. “Als journalisten over Brussel zouden schrijven zoals over Antwerpen, dan zou dat een groot verschil maken.” Al laat hij zich daardoor niet ontmoedigen. “Ik woon hier echt graag. Ik kan nergens anders meer wonen.” Zijn missie is duidelijk: “Ik wil van Brussel weer een aangename plek om te leven maken.”
Door Sara Dooms en Pauline Stofferis


Comments