top of page

LEES Union mikt op financiële sprong voorwaarts met stadion in Vorst

  • May 7
  • 3 min read
© Union
© Union

Voetbalclub Union Saint-Gilloise wil in Vorst een nieuw stadion bouwen met 16.000 plaatsen. Het huidige stadion beperkt de inkomsten door de lage capaciteit en UEFA-normen. Met een investering tot 70 miljoen euro mikt de club op groei. 


De plannen gaan veel verder dan enkel de sportieve ambities. Er schuilt een economische agenda achter, die draait om inkomsten, stedelijke ontwikkeling en publieke ruimte. De Brusselse traditieclub wil een structureel probleem aanpakken: de beperkingen van het huidige stadion, dat niet meer voldoet aan de eisen van het profvoetbal.


Huidig stadion


Het Joseph Marienstadion heeft een capaciteit van minder dan 10.000 toeschouwers en voldoet niet meer aan de UEFA-normen. Daardoor moet Union zijn Europese wedstrijden elders spelen, wat leidt tot directe inkomstenverliezen. Bovendien zijn er nauwelijks faciliteiten voor vips, media of commerciële activiteiten, terwijl net die segmenten cruciaal zijn voor moderne inkomstenstromen in de voetbalwereld.


Het geplande stadion moet die beperkingen opheffen. Met bijna een verdubbeling van de capaciteit en uitgebreide hospitality-mogelijkheden, ontstaat ruimte voor hogere ticketinkomsten, sponsoring en business seats. De economische impact daarvan is significant, zeker voor een club die sportief aan de top van België meedraait.


Opvallend is dat het project volledig privaat gefinancierd wordt, met een budget van 50 tot 70 miljoen euro. Dat betekent dat de rendabiliteit centraal staat. Het stadion wordt niet enkel een sportinfrastructuur, maar ook een commerciële site met onder meer een hotel van 100 tot 150 kamers. Die combinatie moet extra inkomsten genereren buiten wedstrijddagen en zo de investering helpen terugverdienen. 





De keuze voor de Bemptsite in Vorst is niet toevallig. Het terrein is al bestemd als sport- en recreatiezone en heeft een oppervlakte van ongeveer 120.000 vierkante meter. Bovendien ligt het dicht bij de Brusselse Ring, wat de bereikbaarheid voor autoverkeer verbetert en de druk op woonwijken vermindert.


Toch is de keuze niet zonder nadelen. De site huisvest momenteel gemeentelijke diensten en sportclubs, die dan moeten verhuizen. Daarnaast zijn er ecologische aandachtspunten, zoals biodiversiteit en een verhoogd overstromingsrisico bij bijkomende bebouwing.


© Union
© Union

Mobiliteit

Een opmerkelijk element in het project is de mobiliteitsstrategie. De club rekent sterk op het openbaar vervoer. Uit een enquête blijkt dat vandaag al meer dan 50% van de supporters te voet of met het openbaar vervoer komt (30% met OV, 22% te voet). Het aandeel van het openbaar vervoer zou stijgen naar bijna 43% in het nieuwe stadion. Bovendien zou bijna 80% van de respondenten het openbaar vervoer overwegen bij een betere dienstverlening.


Daarom plant de club geen grote nieuwe parkings, maar wil ze bestaande infrastructuur gebruiken, goed voor ongeveer 5.500 parkeerplaatsen. Dat beperkt investeringskosten, maar verschuift een deel van de druk naar publieke vervoersmaatschappijen zoals MIVB en De Lijn.


Volgens de studie van perspective.brussels, het Brusselse planbureau, is de nieuwe locatie echter minder goed bereikbaar met het openbaar vervoer dan het huidige stadion, vooral voor korte verplaatsingen. Dit kan de aantrekkelijkheid voor lokale supporters verminderen en heeft dus een directe impact aan de vraagzijde.


© Union
© Union

Vergunningen en timing


Een modern stadion moet vandaag meer zijn dan enkel een voetbalveld. Het project voorziet daarom in gedeeld gebruik met andere sporten zoals rugby, maar ook evenementen. Dat verhoogt de bezettingsgraad van de infrastructuur, want anders zou het stadion maar een twintigtal dagen per jaar gebruikt worden.


Hoe meer activiteiten er plaatsvinden, hoe beter de vaste kosten gespreid worden. Tegelijkertijd creëert dat spanningen rond planning, capaciteit en overlast, wat opnieuw beleidsmatig moet worden afgewogen.


Het bouwdossier is inmiddels ingediend en de bevoegde instanties hebben ongeveer zes maanden om een beslissing te nemen. In het meest optimistische scenario kan de bouw eind 2026 starten, met een opening tegen 2029.


De timing is cruciaal. Elke vertraging betekent uitstel van extra inkomsten en een langere periode waarin de club in een suboptimale infrastructuur blijft spelen. Het project blijft dus sterk afhankelijk van administratieve efficiëntie en politieke besluitvorming.

 

Door Emma Hombroux


Comments


bottom of page